Home
Nieuws
Forum
Wie zijn we?
Doelen
Acties
Stand van Zaken
Informatie
WVG
Agenda
Documenten
Links
Inschrijven
Uw Actie
Vragen

XML RSS
Add to My Yahoo!
Add to My MSN
Add to Google

De Wet Voorkeursrecht Gemeenten nader verklaard

Om een gebied als het Braassemerland te ontwikkelen, passen gemeenten vaak de Wet Voorkeursrecht Gemeenten toe. Maar wat is dat precies, en wat betekent de WVG voor de bewoners van het gebied?

Vele bewoners van het Braassemerland maken zich zorgen over de WVG. Het betekent immers dat ze niet zomaar hun grond kunnen verkopen. Mensen voor wie de grond waar hun bedrijf op staat eigenlijk hun pensioen vormt voelen zich in de hoek gedreven, en vrezen slechts een minimale grondprijs te kunnen ontvangen.

Maar de WVG hoeft helemaal niet te betekenen dat je de grond aan de gemeente moet verkopen. En mensen die de grond wel willen verkopen, hoeven helemaal geen lage prijs te accepteren. Hieronder zullen we dit proberen uit te leggen aan de hand van veel gestelde vragen met hun antwoorden.

1. Wat is een voorkeursrecht?

Een voorkeursrecht is een grondbeleidinstrument voor de verwerving van gronden en opstallen door de overheid. Door het vestigen van een voorkeursrecht wordt de gemeente in staat gesteld bij voorrang de eigendom te verwerven van gronden en opstallen in een gebied waar nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen gepland worden.

2. In welke gevallen kan een voorkeursrecht gevestigd worden?

Alle gemeenten kunnen een voorkeursrecht vestigen op gronden waaraan in een nieuw structuurplan of een nieuw bestemmingsplan een niet-agrarische bestemming is gegeven en waarvan het gebruik afwijkt van die bestemming. Dit is bijvoorbeeld het geval als op een weiland of landbouwgrond een nieuwe woonwijk of een bedrijventerrein wordt gerealiseerd. Ook gronden die zijn aangewezen voor stads- en dorpsvernieuwing in de zin van de Wet op de stads- en dorpsvernieuwing (Wsdv) komen in aanmerking voor de vestiging van een voorkeursrecht, ongeacht of het gebruik van die gronden al dan niet afwijkt van het plan.

3. Wanneer treedt het voorkeursrecht in werking?

Een besluit tot voorkeursrecht van B&W of de gemeenteraad treedt niet vanzelf in werking. Het moet worden gepubliceerd in de Staatscourant, lokale dag- of nieuwsblad, gemeenteblad of gemeentepagina in de plaatselijke krant. Alle eisen voor inwerkingtreding staanin de artikelen 4 (derde lid), 6 (tweede lid) of 8a (tweede lid). van de Wet voorkeursrecht gemeenten. Ook moet de gemeente eigenaren (en beperkt gerechtigden) een kennisgeving sturen als zij het voorkeursrecht vestigt. De eigenaren van de grond en onroerende zaken daarop kunnen meerdere kennisgevingen ontvangen. Op elk moment dat de gemeente het recht vestigt of hervestigt moet zij de eigenaar daarover informeren ook als de ruimtelijke plannen niet zijn gewijzigd.

4. Wat zijn de gevolgen van vestiging van een voorkeursrecht?

Als de eigenaar van de grond waarop een voorkeursrecht rust, of degene die hierop een beperkt recht heeft, de grond wil verkopen, moet deze eerst aan de gemeente worden aangeboden.

5. Is de eigenaar verplicht de grond aan de gemeente te verkopen?

De eigenaar van de grond waarop het voorkeursrecht is gevestigd is niet verplicht de grond te verkopen. Als de eigenaar de grond echter wil verkopen, dan moet de grond eerst aan de gemeente worden aangeboden. Zolang de eigenaar geen plannen heeft tot verkoop, kan de gemeente de grond niet via het voorkeursrecht verwerven. De eigenaar blijft dan ook bevoegd om zelf tot realisatie van de (voorgenomen) bestemming over te gaan. Realiseert de eigenaar de (voorgenomen) bestemming niet, dan zou de gemeente er eventueel voor kunnen kiezen de grond via de Onteigeningswet te verwerven.

6. Zijn er uitzonderingen op de verplichting de grond aan de gemeente te verkopen?

Ja. Uitzonderingen op de plicht de grond aan de gemeente te verkopen, zijn bijvoorbeeld bepaalde rechtshandelingen in familieverband (zoals verkoop aan ouders of broers en zusters), verkoop krachtens de wet, rechterlijk bevel of executoriale verkoop, bepaalde overeenkomsten gesloten vóór de inwerkingtreding van het voorkeursrecht of overeenkomsten met andere overheidslichamen zoals de provincie of het Rijk.

7. Kunnen ook andere zaken worden betrokken in de mogelijke aankoop door de gemeente?

Het kan voorkomen dat slechts een deel van de onroerende zaken is belast met een voorkeursrecht, maar dat deze onroerende zaken wel een samenhangend geheel vormen met niet met een voorkeursrecht belaste zaken. Denk bijvoorbeeld aan het geval waarin het voorkeursrecht is gevestigd op een stuk landbouwgrond, maar niet op de bijbehorende bedrijfsgebouwen. Afhankelijk van het precieze geval kan de eigenaar dan van de gemeente eisen dat het geheel van onroerende zaken wordt betrokken in de mogelijke aankoop door de gemeente. Ook kan de eigenaar eisen dat het bedrijf of de onderneming waarin de onroerende zaken als onderdeel worden geëxploiteerd in de verkoop wordt betrokken.

8. Is de gemeente verplicht de grond te kopen als deze wordt aangeboden?

De gemeente is door vestiging van het voorkeursrecht niet verplicht tot aankoop over te gaan. Als de grond door de eigenaar aan de gemeente wordt aangeboden, kan de gemeente alsnog beslissen niet tot aankoop over te gaan. Ook kunnen burgemeester en wethouders het voorkeursrecht laten vervallen.

9. Wat als de gemeente uiteindelijk niet wil kopen?

Als de gemeente de grond niet wil kopen of de beslistermijn van acht weken na aanbieding door de eigenaar heeft overschreden, staat het de eigenaar gedurende drie jaren vrij tot vervreemding aan derden over te gaan. Deze tijdelijke vrijheid is aan de eigenaar verbonden, niet aan de onroerende zaak en gaat derhalve voor de resterende tijd niet over op de opvolgende verkrijger(s). Het voorkeursrecht vervalt dus niet.

10. Door wie wordt de verkoopprijs bepaald?

Het staat de eigenaar vrij bij de formele aanbieding aan de gemeente een verkoopprijs te noemen. Accepteert de gemeente deze prijs niet en kunnen partijen niet minnelijk tot overeenstemming komen, dan heeft de eigenaar de mogelijkheid om via de gemeente de rechtbank te verzoeken één of meer deskundigen te benoemen om over de prijs advies uit te brengen. Na het uitbrengen van het advies kunnen beide partijen beslissen van de koop af te zien of tot (ver)koop conform de geadviseerde prijs over te gaan. Ook kunnen zij aangeven een oordeel van de rechtbank over de prijs te willen. De gemeente is vervolgens gedurende drie maanden ná de uitspraak van de rechtbank over de verkoopprijs verplicht mee te werken aan de verkoop en levering. De eigenaar kan na het oordeel van de rechtbank wél alsnog afzien van verkoop.

11. Hoe wordt de hoogte van de verkoopprijs bepaald?

Uitgangspunt is dat de eigenaar en de gemeente in overleg de verkoopprijs bepalen. Lukt dit niet dan zullen deskundigen of eventueel de rechter de prijs bepalen. Hierbij zullen zij de zogenaamde 'verkeerswaarde' van de grond bepalen. Dit is de prijs die in het vrije verkeer tussen een redelijk handelende eigenaar en de gemeente als redelijk handelende koper tot stand zou komen. Met deze waarderingsgrondslag wordt aangesloten bij de waardebepaling voortvloeiende uit de Onteigeningswet.

12. Kan de eigenaar tijdens de onderhandelingsprocedure alsnog afzien van verkoop aan de gemeente?

Ook tijdens de onderhandelingen met de gemeente houdt de eigenaar de vrijheid om van verkoop aan de gemeente af te zien. Het voorkeursrecht blijft dan gehandhaafd.

13. Ik ben het niet eens met de vestiging van het voorkeursrecht. Wat kan ik doen?

Tegen de vestiging van een voorkeursrecht door de gemeente staat rechtsbescherming conform de Algemene wet bestuursrecht (Awb) open. Belanghebbenden kunnen bezwaar maken tegen het vestigingsbesluit en bij ongegrondverklaring in beroep gaan bij de rechtbank en eventueel in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

14. Hoe wordt ontwijking van het voorkeursrecht tegengegaan?

Controle op de naleving van de Wvg vindt plaats door de notaris. Een akte tot vervreemding aan een derde kan alleen worden ingeschreven wanneer daarop een notariële verklaring staat dat op de onroerende zaak geen voorkeursrecht rust. Voordat de notaris deze verklaring afgeeft, moet de notaris nagaan of er een voorkeursrecht is en of het in het betreffende geval van toepassing is. Daarnaast kan de gemeente de nietigheid inroepen van rechtshandelingen die zijn verricht met de kennelijke strekking afbreuk te doen aan haar in de Wvg geregelde voorkeurspositie.

15. Hoe weet ik of er op een bepaald stuk grond een voorkeursrecht rust?

Op verschillende manieren:
  • Brief eigenaren
    Eigenaren van een stuk grond waarop een voorkeursrecht is gevestigd , krijgen een brief dat de gemeente het voorkeursrecht heeft gevestigd. Dat geldt ook voor eigenaren van gebouwen die op die grond staan en de beperkt gerechtigden (bijvoorbeeld de bank die een hyptoheek heeft verstrekt).
  • Publicatie Staatscourant
    Het voorkeursrecht moet worden gepubliceerd in de Staatscourant en in één of meer lokale dag- of nieuwsbladen en bijvoorbeeld in een gemeenteblad (of waarin de gemeente beslissingen gebruikelijk bekend maakt).
  • Gemeentelijk beperkingen register
    Het besluit om het voorkeursrecht te vestigen (voorkeursrechtbesluit) moet worden ingeschreven in het gemeentelijk beperkingenregister (deze verplichting is vastgelegd in artikel 3, eerste lid van de 'Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken' en artikel 2, eerste lid van het 'Aanwijzingsbesluit Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken'). Het register kan worden ingezien bij de gemeente of worden geraadpleegd via de website van het Kadaster: http//:www.kadasteronline.nl
  • Ter inzage
    De gemeente moet het besluit over de vestiging van het voorkeursrecht ook ter inzage leggen. De eisen voor bekendmaking staan in artikel 4 van de Wet voorkeursrecht gemeenten.

Heb je nog meer vragen, dan kun je die altijd bij ons kwijt. Gebruik hiervoor ons Vragenformulier


footer for wet voorkeursrecht gemeenten page