Aan de gemeenteraad van Alkemade Postbus 1 2370 AA Roelofarendsveen Roelofarendsveen, juni 2008 Geachte Raad, Hierbij dienen wij onze zienswijze in op het ontwerp-bestemmingsplan Braassemerland, gebaseerd op het Masterplan Braassemerland. Wij doen dit van uit ons belang Van de hierondervermelde onderwerpen doorhalen wat niet van toepassing is a) als inwoner van Roelofarendsveen, onderdeel van de gemeente Alkemade en de toekomstige fusiegemeente Kaag en Braassem o die in de toekomst mogelijk te maken krijgt met de collectieve financiële gevolgen indien de diverse uitgangspunten van het plan Braassemerland niet of in beperkte mate kunnen worden gerealiseerd b) als eigenaar van (woning/adres/kadastraal bekend onder nummer) o die vanwege mogelijke waardevermindering van zijn/haar woning de gemeente t.z.t. aansprakelijk zal stellen voor planschade c) als bewoner wiens woongenot zal worden aangetast o doordat het uitzicht vanuit de woning zal worden geblokkeerd door de geplande hoogbouw o doordat de recreatieve mogelijkheden in het gebied Braassemerland zullen verminderen door de komst van de ‘Vinexwijk’ Braassemerland d) als inwoner wiens gevoel van rechtszekerheid is aangetast o omdat de gemeente ons in onzekerheid laat over ons eigendom (woning en/of gronden), die mogelijk en op een nog onbekend tijdstip plaats moeten maken voor de bouw van het Braassemerland e) eventueel aanvullen met andere persoonlijke redenen… Wij maken bezwaar tegen de volgende punten (weghalen wat niet van toepassing is, eventueel feiten toevoegen), vervolgens zullen wij de bezwaren tegen deze punten nader toelichten 1. Woningdichtheid hele project 2. Hoogbouw o.a. in het centrumgebied 3. Woningbehoefte 4. Infrastructuur en ontsluiting 5. Procedure masterplan/voorontwerp bestemmingsplan 6. Het Groene Hart en het advies van het Ministerie van V.R.O.M. 7. Roelofarendsveen als recreatiekern 8. Bodemgesteldheid van het Braassemerland 9. Vervuiling in de bodem van het Braassemerland 10. Financiële haalbaarheid 11. De manier van grondverwerving 12. Strijdigheid met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van de gemeente 13. Onduidelijkheid over concrete plannen 14. Eventueel aanvullen met andere persoonlijke redenen Ad. 1 Woningdichtheid: In een dorp als Roelofarendsveen is de gemiddelde woningdichtheid momenteel maximaal 15 wonin-gen per hectare en slechts incidenteel hoger. In onderdelen van het ontwerp-bestemmingsplan kan de woningdichtheid oplopen tot 87 woningen per hectare (centrum) en elders tot 30 woningen per hectare, inclusief water. Bij deze laatste dichtheid is door het betrekken van het water in de praktijk sprake van een verdubbeling van de dichtheid naar 60! Hieruit blijkt dat er sprake is van een duidelijke verstedelijking van het dorpsbeeld van Roelofarendsveen, wat ons inziens onwenselijk is. Ad. 2 Hoogbouw o.a. in het centrumgebied De wijk Waterryck die momenteel een landelijk uitzicht heeft op groen en kassengebied en pal achter het centrumgebied Braassemerland komt te liggen krijgt vijf kolossen hoogbouw voor de neus. In het vernieuwde Masterplan is de oorspronkelijke hoogte bijgesteld van 6-9 hoog naar 4,5 (inclusief half ondergrondse parkeergarage). De breedte echter is zodanig aangepast dat door de gigantische om-vang van elk appartement en de geringe ruimten hiertussen voor de Waterryckers een uitzicht is gecreëerd dat het aanzien heeft van een ‘Chinese Muur’. Met een woningdichtheid van 87 is hier sprake van een woningdichtheid van het centrum van een stad! De nieuwe appartementencomplexen zullen een grote overlast opleveren in de zin van schaduw, horizonvervuiling en aantasting van het landelijke karakter van Roelofarendsveen en het Braassemermeer, waartegen wij bezwaar maken. Ad. 3 Woningbehoefte en de daarmee samenhangende financiële risico’s Uit de Woonvisie februari 2008 van de gemeente is gebleken dat er voor de komende 20 jaar onge-veer 45 woningen per jaar nodig zijn voor eigen inwoners, uitgaande van een migratiesaldo nul. In de komende 15 jaar worden er 2.250 woningen gebouwd. De Raad heeft ingezet op een gemiddel bouw-tempo van 150 tot 200 woningen per jaar. Meer dan 60 % van de nieuwe woningen worden dus ge-bouwd voor mensen van buitenaf! In een tijd waarin de kranten spreken over een afkoelende woningmarkt gaat onze gemeente steeds meer bouwen. Het grote aantal geplande woningen in het geplande bouwtempo is uitsluitend geba-seerd op economische motieven, zo bleek telkens weer uit uitspraken van college en raad in de raadsvergaderingen. Wij zijn van mening dat de gemeente hiermee onacceptabele risico’s neemt. De burgers krijgen uiteindelijk de rekening gepresenteerd bij financiële tekorten van de gemeente (bij-voorbeeld OZB verhoging). Daarnaast bestaat er ook een aanzienlijk risico dat woningen die elders in onze gemeente te koop staan, onverkoopbaar blijken door een overkill aan woningaanbod. Ook heeft leegstand grote invloed op de aantrekkelijkheid van het gebied. Wij maken er bezwaar tegen dat de Raad op deze onverantwoorde manier inspeelt op de lokale woningbehoefte. Ad. 4 Infrastructuur en ontsluiting Door de uitbreiding van het winkelaanbod en nieuwe kantoorruimten zijn extra parkeerplaatsen nood-zakelijk. Deze plekken kunnen niet worden weggehaald van bestaande parkeergelegenheid voor de huidige bewoners, er zal dus plek voor moeten worden ingeruimd in het bestemmingsplan. De Noorderhemweg, die in slechte staat verkeerd, zal worden overbelast door het bouwverkeer in de komende jaren en later door het verkeer van de nieuwe bewoners van het Braassemerland. Het nu al zwaar belaste Noord- en Zuideinde zal overbelast raken door de extra verkeersstroom, zowel van het bouwverkeer als van de voertuigen van de bewoners van de nieuwe wijk. Het verkeer richting de A-4 vanuit Roelofarendsveen wordt tijdens de spits geblokkeerd door het lokale verkeer vanuit richting Leiderdorp naar richting Amsterdam. Met de geplande toename van het aantal inwoners in ons dorp zal dit de komende jaren tot grote verkeersproblemen gaan leiden. Daarnaast komt de A-4 nog meer onder druk te staan dan nu al het geval is: er staat dagelijks een file voor het Ringvaart-aquaduct. Daarbij komt in de toekomst ook nog een nieuwe Ikea in Leiderdorp bij de volgende afrit richting Den Haag, die uiteraard een grote toeloop via de A-4 mag verwachten. De geplande infrastructurele maatregelen zien wij in dit verband als ontoereikend en maken hier bezwaar tegen. Ad. 5 Procedure masterplan/voorontwerp bestemmingsplan Wij maken bezwaar tegen de wijze waarop het Masterplan en het ontwerp bestemmingsplan zijn vastgesteld. In december 2007 hebben wij een inspraakreactie ingediend op het voorontwerp bestemmingsplan. Alle inspraken zijn in een algemene nota van beantwoording door u van commentaar voorzien. Deze nota is van 9 mei 2008 en komt pas nadat het Masterplan op 21 april door u is vastgesteld. Dit is onjuist want onze inspraak was juist bedoeld als input voor dit Masterplan, dat nu is vastgesteld zonder dat u kennis hebt genomen van onze inspraak. Het ontwerp bestemmingsplan is vervolgens gebaseerd op dit Masterplan, en onze zienswijze is hier onvoldoende in meegenomen. Door geen rekening te houden met onze mening heeft u geen goede belangenafweging kunnen ma-ken en is er onvoldoende draagvlak gecreëerd voor uw plannen. Ad. 6 Het Groene Hart en het advies van het Ministerie van V.R.O.M. De polders van Roelofarendsveen herbergen talloze dier- en plantsoorten, zoals de beschermde ‘grij-ze trekpootsalamander’. Wij maken bezwaar tegen het verdwijnen van de groengebieden die moeten wijken voor deze nieuwe ‘Vinexwijk’. De Provincie Zuid-Holland heeft voor het Groene Hart, waartoe Roelofarendsveen ook behoort, een migratiesaldo ‘0’ vastgesteld. Dit ter bescherming van de kernkwaliteiten van het Groene Hart tegen de oprukkende verstedelijking van Zuid-Holland. Wij maken er bezwaar tegen dat hier geen rekening mee wordt gehouden. Daarnaast heeft V.R.O.M in een ‘artikel 10’ advies de gemeente erop gewezen dat er beperkingen zijn aan het bouwen in het Groene Hart en in haar advies een maximum van 1.300 woningen genoemd in heel Alkemade. Het is ons volstrekt onduidelijk op basis waarvan de gemeente meent 2.250 woningen te mogen verwezenlijken. Wij maken er bezwaar tegen dat ook dit advies ter zijde wordt geschoven. Ad.7 Roelofarendsveen als recreatiekern De uitstraling van ons dorp heeft een landelijk karakter en er zijn recreatieve mogelijkheden in de directe omgeving. Regelmatig wordt er gewandeld en gefietst door de polder en langs de oevers van het Braassemermeer. De Nota Recreatie en Toerisme, op 10 juli 2006 vastgesteld door de Raad, belooft ons een recreatiegemeente met plattelandsrecreatie in een landelijk gebied met daarbij water-recreatie, dus nog meer recreatiemogelijkheden. Deze Nota zou een belangrijke input geven voor het Project Braassemerland en zou onder andere worden gebruikt bij het opstellen van de stedenbouw-kundige visie voor dit gebied (letterlijk overgenomen van uw website). Ook geeft de Raad in haar Structuurvisie aan dat het plan Braassemerland bedoelt is als een mix van woningbouw, recreatie en natuurgebieden. Deze doelstellingen kunnen onmogelijk worden gehaald bij het huidige plan. De te realiseren woningdichtheid zal weinig tot geen mogelijkheden bieden voor groenvoorzieningen en natuurgebied. In alle redelijkheid kan daarom niet worden gesteld dat het project Braassemerland, zoals dit nu op tafel ligt, zal bijdragen aan de door de raad aan ons beloofde recreatiegemeente. Wandelen en fietsen in een verstedelijkte omgeving is geen aangenaam vooruitzicht voor recreanten. Het dominante uitzicht op woningen en hoogbouw vinden wij een magere vervanging voor het huidige uitzicht op het polderlandschap. Het dempen van de door de ‘Veners’ gekoesterde Dwarsvaart, als belangrijke vaarroute in het Braassemerland, zal het bevorderen van het toerisme op het water eerder doen beperken dan toene-men. Tegen de invulling van de uitgangspunten natuur en recreatie zoals hier vermeld maken wij bezwaar. Er is nu niet sprake van meer recreatie, zoals beloofd, maar juist minder! Ad. 8 Bodemgesteldheid van het Braassemerland Wij spreken onze twijfels uit over het totale plan Braassemerland als woningbouwlocatie, met de aangegeven hoogten en dichtheden. De bodem van het polderland is zeer slap. Op kleinere schaal zien we regelmatig verzakkingen van de wegen en erven. Het is te voorspellen dat eventuele aanleg van woonwijken en wegen gevolgen zullen hebben voor de grondwaterstromingen en daarmee de stevigheid (of zeg maar slapheid) van de ondergrond. In dit verband wijzen wij u op missers gemaakt in het verleden zoals in Amsterdam en Den Haag met de metro en tram en heel dicht bij ons in de buurt met de HSL. Door de bodemgesteldheid achten wij de financiële risico’s aanzienlijk. Voorts wijzen wij u op de verhoogde kans op archeologische sporen in het gebied. Wij maken dan ook bezwaar zowel tegen de financiële risico’s die de geplande bebouwing van dit gebied vanwege de bodemgesteldheid met zich meebrengt als tegen het verdwijnen van genoemde archeologische sporen. Ad. 9 Vervuiling in de bodem van het Braassemerland: Bij vele bewoners is bekend dat er in het verleden (circa 50 jaar geleden) door particulieren, tuinders en overige bedrijven een aantal sloten en vaarten zijn gedempt met huisvuil, tuinders-, bouw-, sloop- en ziekenhuisafval. In dit verband wijzen wij u ook op de problemen indertijd van de gemeente Alphen aan den Rijn met betrekking tot het gebied Zeegersloot. Derhalve maken wij bezwaar tegen het financiële risico wat wordt genomen om op deze locatie te gaan bouwen zonder duidelijk inzicht in de mogelijk aanwezige vervuiling. Ad. 10 Financiële haalbaarheid Wij maken ons ernstig zorgen over de financiële consequenties van de aangekondigde plannen. De omvang van de plannen is erg groot voor dit kleine dorp en deze kleine gemeente. Gelet op de moei-zame verkoop van nieuwbouw op andere locaties in ons dorp en de sterk veranderende omstandig-heden op de woningmarkt, is het goed mogelijk dat de verkoop in een ander tempo verloopt als ge-pland. Dit kan een aanzienlijk financiële tegenvaller met zich mee brengen. Het mogelijk halverwege bijstellen van het totale aantal te bouwen woningen kan bovendien een zware wissel trekken op het rendement van de al aangelegde infrastructuur. Dit geldt ook voor onvoorziene extra kosten zoals proceskosten, planschade, het aanleggen van de infrastructuur en eventueel weghalen van bodem-verontreiniging. Al deze kosten zullen uiteindelijk worden doorberekend aan de burgers van de ge-meente. De realisatie van de plannen van Braassemerland brengen grote financiële risico’s met zich mee, risico’s die wij niet willen dragen en waartegen wij dan ook bezwaar maken. Ad. 11 De manier van grondverwerving Door de onduidelijke wijze waarop de gemeente tracht om alle benodigde gronden te verwerven, bij de tuinders en grondeigenaren in fase 2, het zuidelijke deel, is bij de bewoners/eigenaren zeer grote onzekerheid ontstaan. Benodigde investeringen in het bedrijf kunnen niet meer worden gedaan omdat het volslagen onduidelijk is hoe de toekomst eruit gaat zien. Voor velen is het onduidelijk of wel of niet moet worden verkocht en wanneer er moet worden verkocht. Bovendien heeft de gemeente aan de grondeigenaren in fase 1, het noordelijke deel, een teleurstellend lage grondprijs geboden. Wij maken er bezwaar tegen dat de hoogte van de al aangeboden prijzen de betreffende grondeigenaren c.q. ondernemers niet in staat stellen om hun belangen op een andere locatie op een vergelijkbare wijze voort te zetten. Ad. 12 Strijdigheid met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van de gemeente Het College zowel als de Raad handelt met betrekking tot het plan Braassemerland in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en wel om de volgende redenen: • Vanaf 2004 tot aan de voorlichtingsavond in oktober jl. zijn wij in de veronderstelling gelaten dat eerdere plannen in grote lijnen zouden worden uitgevoerd. Deze plannen, die veel meer aansloten bij de landelijke en recreatieve uitstraling van de gemeente, zijn in het nieuwe Masterplan niet meer te herkennen. Het Masterplan is bij velen als een donderslag bij heldere hemel aangekomen. Met als excuus, de dreiging van de afloop van de Wvg (Wet voorkeursrecht gemeenten) in mei 2008, heeft de gemeente de plannen in zeer korte tijd “er doorheen gejaagd” en om dat te realiseren de communicatie met zijn burgers in ernstige mate beperkt. Een open communicatie, vergezeld van een gedegen onderbouwing waarom aan dit plan de voorkeur wordt gegeven boven eerdere plannen waarover wčl met de burger was gecommuniceerd, heeft minimaal en in een veel te laat stadium plaatsgevonden. Bij ons blijft de indruk bestaan dat de gemeente onder druk van het aflopen van de reeds verlengde fase van de Wvg een bureau heeft gevonden dat onder grote tijdsdruk en met enorme consequenties voor de (inwoners van de) gemeente, zonder maar enigszins rekening te houden met de reeds eerder gecommuniceerde en hieronder vermelde plannen, alsnog een plan presenteert dat voldoet aan de door de gemeente gestelde economische uitgangspun-ten. Wij maken bezwaar tegen deze gang van zaken. • In de volgende documenten die in de afgelopen jaren tot stand zijn gekomen worden totaal andere doelstelling aangegeven dan die van het huidige Masterplan, n.l. 1. de Strategische Visie, die in sepember 2007 is opgesteld en goedgekeurd door de raden van Alkemade en Jacobswoude voor de toekomstige gemeente Kaag en Braassem. In dit document wordt aangegeven dat beide gemeenten in de toekomst kiezen voor het behoud van een open plattelandsgemeente; 2. de hierboven genoemde Nota Recreatie en Toerisme (ad. 6); 3. de hierboven genoemde Structuurvisie (ad. 6): het plan Braassemerland is bedoeld als een mix van woningbouw, recreatie en natuurgebieden; 4. de centrumvisie, welke in december 2004 door de raad is aangenomen en onder de naam Ruimtelijke visie centrum Roelofarendsveen, met de datum: 15/05/2005, opge-steld door BRO is verschenen; 5. de MER Rapportage van begin 2007. Bij elke wijziging van het plan is de MER steeds weer opnieuw aangepast, o.i. een onjuiste manier van rapporteren. De MER dient te worden gemaakt voor het juiste plan. Voor de nu geplande variant poelenmodel is geen aparte MER opgesteld. De MER van het plan met de lagune is nu aangepast voor de poelenvariant, terwijl we met een heel andere ecologische ondergrond te maken hebben. Dit komt niet tot uiting in de MER. Samengevat maken wij bezwaar tegen het feit dat de gemeente de documenten, genoemd in 1 t/m 4 naast zich heeft neergelegd. Wij stellen vast dat de gemeente veel tijd, energie en kostbaar gemeenschapsgeld heeft gestoken in documenten waarvan de inhoud terzijde wordt geschoven. Daarnaast maken we bezwaar tegen het steeds maar weer aanpassen van de MER. Ad. 13 Onduidelijkheid over concrete plannen Onze zienswijze betreft het bestemmingsplan zoals het er nu uitziet. Er is sprake van een zeer globaal bestemmingsplan. Herhaaldelijk is ons door u meegedeeld dat er op dit plan nog allerlei veranderingen kunnen worden aangebracht. De exacte invulling zal pas bij het verschijnen van de verschillende deelplannen duidelijk worden. U heeft aangegeven voor deze deelplannen gebruik te zullen maken van een zgn. artikel 11 procedure van de W.R.O. Omdat u hebt besloten om voor deze procedure te kiezen en niet voor de gebruikelijke artikel 19 procedure van deze wet snijdt u ons in de toekomst de pas af om te kunnen procederen tot aan de Raad van State. Omdat wij eerst dan pas volledig inzicht kunnen hebben in de plannen maken wij hiertegen bezwaar. Het bovenstaande in aanmerking genomen, kan worden gesteld dat het plan wat nu ter inzage ligt ons aanzienlijk schaadt in onze directe belangen als inwoner van uw gemeente. Hoogachtend,