Inspraak Bastiaan van Nunen 3 maart 2008
Mijn bezwaar betreft de twee pieren die in de alternatieven uit het niets bij de ingang van de ‘lagune’ verschenen zijn. 
Bovenaanzicht toegang lagune, Oostpier rechts, Westpier links Het bezwaar bestaat uit de volgende punten: - De pieren zullen niet functioneren als Blauwalgwering maar als Blauwalgopslag; Navraag bij een medewerker van het Rijnland leert dat de pieren niet noemenswaardig bijdragen aan blauwalgwering. Het is eerder een aanvulling waarvan onduidelijk is of het werkt; een sluis met bellenscherm is afdoende om de blauwalg buiten de lagune te houden (dit wordt tevens informeel bevestigd door het plan bureau). De pieren zorgen ervoor dat de Blauwalg die normaal door de stroming verdwijnt zich zal ophopen in de onstane luwtes achter de twee pieren.
- Deze pier heeft een eigen historie. Reeds vanaf 2002 wordt gezocht naar een logische locatie. Deze pier heeft NIETS te maken met de ontwikkelingen van de Lagune. Het is dan ook vreemd dat in ieder alternatief deze pier als een voldongen feit is ingetekend terwijl er geen bewezen functie voor is. Het lijkt erop dat wij met zijn allen de dupe worden van besluitvorming over een pier die klaarblijkelijk zo ‘gewild’ is dat er al in 5 jaar geen locatie voor is gevonden en die nu gemakshalve onder valse voorwendselen van ‘het tegenhouden van blauwalg’ aan de Lagune is getekend.
- Duidelijk is dat de pieren zoals nu getekend zich bevinden in de directe zichtlijn van onze huizen en landjes, onduidelijk is nog hoe dichtbij maar vanuit de verschillende plattegronden gemeten betekent dit een einde aan niet alleen ons vrije zicht maar ook een eind aan de privacy van ons en onze buren met alle vermindering van woon en recreatiegenot alsmede waarde van panden en landjes van dien. Navraag leert dat niemand ooit ter plekke is geweest om te kijken of ze wellicht in de weg liggen...
- Bij bezoek aan het planbureau bleek dat er gesproken wordt om op of aan de pier een horecagelegenheid te bouwen. Ook de te verwachten overlast hiervan (letterlijk in onze achtertuin) is onacceptabel. Daarbovenop komt dat de hiervoor benodigde parkeerruimte op deze plek niet of zeer moeilijk te realiseren is en hinder zal vormen voor wandelaars rond de Braasem. Geen parkeerplaats voor bezoekers gecombineerd met de stank van de Blauwalg die zich achter de pieren ophoopt geen aantrekkelijk vooruitzicht voor een uitbater.
- De financiering van deze pier met dijklichaam is een extra uitgave welke een negatief effect heeft op de begroting (zie punt 8.2 in de tussenrapportage). De eventuele subsidie voor een op recreatie gerichte pier die eerder toegezegd is zal tegen de tijd dat dit gerealiseerd is ruim verlopen zijn. Dit komt dan nog bovenop de voorspelde financiele tekorten die in de huidige plannen naar voren komen waar de gemeenschap uiteindelijk voor zal moeten betalen.

Perspectief vanaf het water. Noot: De maquette wordt een stuk groener met bomen die gemiddeld zo’n 15 meter hoog zijn... Kortom: in een uiting van ‘stedebouwkundige franje’ heeft een tekenaar zich laten verleiden tot het tekenen van iets dat niet op die plek kan, hoort of zelfs zin heeft. Een voorbeeld van ‘grote stappen snel thuis’. Bastiaan van Nunen

|